Francine

Aan het einde van de basisschool kreeg ik voor het eerst te maken met groepsdruk. Je hoorde erbij of je hoorde er niet bij. Hierdoor ging ik mezelf vergelijken met anderen. Op de middelbare school werd dit gevoel enorm versterkt. Ik werd verlegen, omdat ik niet echt mezelf durfde te zijn en werd zo steeds meer een buitenbeentje. Ik dacht vooral dat anderen mij saai vonden. Dat moest maar eens veranderen, besloot ik.  

Ik dacht dat als ik af zou gaan vallen, ik mooier zou zijn, zelfverzekerder en dat ik daarmee op zou gaan vallen bij anderen. Ik begon extreem te lijnen, maar tegen mijn verwachtingen in, voelde ik me alleen maar onzekerder en vooral doodongelukkig. Ik had geen controle meer over het eten, maar het eten over mij.  

Gelukkig signaleerde mijn omgeving dit vrij snel en ben ik in behandeling gekomen voor de eetstoornis die ik had ontwikkeld. Tijdens de gesprekken met de psycholoog kwam ik erachter dat ik graag controle wilde hebben over alles en ben hier hard mee aan de slag gegaan. 

Het was een pittige en lange strijd. Op een gegeven moment zat ik zelfs op het randje van de dood, maar toch bleef ik hoop hebben. En terecht: met vallen en opstaan heb ik geleerd mezelf te accepteren en mezelf niet continue met anderen te vergelijken. Ik geniet weer van het leven, van contact met anderen en van lekker eten. Controle over situaties willen hebben is nog wel een valkuil van me, maar ik heb geleerd hoe ik hiermee om moet gaan en zo situaties alsnog los te laten. 

Ik ben blij met mezelf, omdat ik anders ben dan ieder ander.  
Helaas zie ik veel jonge vrouwen om me heen worstelen met zichzelf. Ik vind dat we elkaar best wat meer mogen bemoedigen in wie we zijn en mogen delen in wat we lastig vinden. Iedereen is uniek en waardevol. Ook jij! Jij bent de leukste versie van jezelf als jij jezelf laat zijn wie je bent.