Jasmijn

Muziekliefhebber, compassievol, niet bepaald doorsnee, sterke normen en waarden en aait elke hond die ze ziet.

Sinds de middelbare school heb ik te maken gehad met geestelijke gezondheidszorg, zonder dat er eigenlijk iets aan mij mankeerde. Alsof ze door me heen konden kijken. Ik kom uit een klein gehucht, de muren kwamen heel mijn tienerjaren op mij af. Ik was een emo-kid, ik zette mijn muziek vol aan en sloot me helemaal af van de wereld, tot ik weer naar school mocht en een uitweg had. Ik had verkeerde vriendjes, spijbelde veel, was erg in de war, maar had de tijd van mijn leven omdat ik niet thuis hoefde te zijn. Mijn ouders verhuisden naar het buitenland en op mijn 17e kreeg ik te horen “wij blijven hier – jij gaat studeren, waar wil je naartoe?”. Ik ben toen naar de Randstad gegaan. Ik was alleen en kende niemand. Ik kwam in een negatieve relatie terecht en hechtte me compleet aan deze persoon. Ik werd sinds ik me kon herinneren al bestempeld als de aansteller, de gevoelige Gerrie, de aandachtstrekker, de zeikerd. Mijn problemen deden er niet toe, want ik stelde me natuurlijk aan. Uiteindelijk manifesteerde dit zich in de depressie die altijd al op de loer lag: dit was het begin van jarenlange therapie. Waarin ik een hoop leerde over mijn opvoeding, mijn leven, mezelf als persoon, en de mensen om mij heen. Ik heb een lange weg bewandeld, ver weg van Limburg en mijn ouders. Ver weg van dat vriendje die me vertelde “dat het gewoon zo hoorde” en “ik het maar moest laten gebeuren”. Ver weg van de opvoeding die ik had, die niet gezond was voor mij. Ik ben uiteindelijk bevrijd en bewust: wat zijn mijn normen en waarden? Wat is gezond voor mij? Wat werkt voor mij? Ik mag soms best boos worden, en ego├»stisch zijn. Ik doe ertoe. Ik liet tatoeages zetten, ging Muziek Management studeren (wat ik altijd al wilde), werd veganistisch, zocht een baan waarmee ik mijn eigen boontjes kon doppen en ging in Utrecht investeren in de vrienden die voelden als familie. De familie die ik zelf nooit heb gehad. Waar ik me toen onbewust van was, weet ik nu heel goed: mijn problemen zijn relatief en persoonlijk: als jij jouw probleem groots vindt, is dat zo. Wat een ander ook zegt. Jij voelt het, het is van jou. Niemand mag dit ooit ombuigen.